‘De Heere is wonderbaarlijk goed voor hen die op Hem wachten, voor wie naar Hem zoeken. Het is goed rustig te vertrouwen en te wachten op de hulp van de Heere.’ Klaagliederen 3: 25-26
‘We houden niet van wachten, maar juist dan verricht God een aantal van Zijn beste werken aan onze ziel.’ Charles R. Swindoll
Eén van de dingen die ik in Jordanië heb moeten leren is ‘wachten’. Wachten tot de bus vol zit voordat hij vertrekt. Wachten of het bezoek wel of niet komt op het afgesproken tijdstip: men komt gerust een uur later of helemaal niet. Wachten op een bankje voor een bezoek aan de vrouwen in de gevangenis tot het teken dat je naar binnen mag en zo zijn er nog meer situaties.
Tijdens het wachten kun je een praatje maken met iemand die naast je zit, Arabische woordjes leren, op je telefoon scrollen of, aangezien je in de gevangenis niets mee mag nemen behalve je paspoort, wat mijmeren over dingen die je bezig houden.
In de Bijbel komt wachten ook regelmatig voor. Wachten is een essentieel onderdeel van de christelijke levensweg. Het is geen straf of zinloze vertraging, maar een plek waar God ons ontmoet, ons vormt en ons leert hopen. John Ortberg zegt: ‘Wachten is niet alleen iets wat we moeten doen totdat we krijgen wat we willen. Wachten is onderdeel van het proces om te worden wie God wil dat we zijn.’
In mijn stille tijd app lees ik: ‘In een wereld die geobsedeerd is door onmiddellijke bevrediging, werkt God vaak langzamer. En pas wanneer we Zijn tempo omarmen, beseffen we dat Hij Zijn belangrijkste werk verricht in de wachtkamer.’ Jesaja 40:31 herinnert ons eraan dat zij die op de Heer hopen of wachten, nieuwe kracht zullen ontvangen. Het Hebreeuwse woord voor wachten impliceert hier hoopvolle verwachting, geduldig vertrouwen en een onwrikbaar vertrouwen op God. Het wachten is waar God de ziel vormt. Ik ga het wachten nog eens koesteren.
‘Dit is het meest waardevolle antwoord dat God ons kan geven: ‘wacht’. Het zorgt ervoor dat we ons aan Hem vastklampen in plaats van aan een bepaalde uitkomst.’ – Veneetha R. Risner
Geschreven door: Teresa*, Amman
*Niet haar echte naam.