In de zomer van 2019 vonden een paar bijzondere gebeurtenissen in Nederland plaats in relatie tot Israël. In Den Haag werd op 25 juni in de Ridderzaal een bijeenkomst gehouden, het ging over het opnieuw opkomend antisemitisme in Nederland en in Europa, een ontwikkeling die zorgen baart. Er waren toespraken van politici, vertegenwoordigers uit de joodse gemeenschap en diverse leiders uit de christelijke wereld. Rondom deze bijeenkomst waren een aantal bijzondere momenten.
De Ridderzaal is het oudste nog in gebruik zijnde regeringsgebouw ter wereld en stamt uit de 13e eeuw. Deze plaats vormt het hart van de Nederlandse democratie. In 1940 werden daar woorden gesproken en besluiten genomen die de Jodenvervolging tijdens de Tweede Wereldoorlog een doel op zich maakte. Op deze plaats bijna 75 jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog werden in juni woorden van schuldbelijdenis en verzoening gesproken, vanwege de rol die Nederland heeft gespeeld in het lot dat de joodse gemeenschap trof.
Van de ongeveer 140.000 Nederlandse Joden zijn er bijna 102.000 weggevoerd en omgekomen, relatief het hoogste aantal in Europa. Rabbijn Jacobs had in zijn toespraak uiteengezet hoe antisemitisme diep geworteld is in de samenleving en niet onderschat moet worden, waarna hij op de sjofar blies als teken om alert te zijn, wakker te zijn voor de tekenen van de tijd. Op de plaats waar de vervolging begon, werd deze morgen een standpunt van omkeer ingenomen.
Open deur voor de Koning (met een hoofdletter)
Tweede Kamerlid Eppo Bruins (CU) schreef in een artikel op CIP.nl: ‘Bij bijeenkomsten in de Ridderzaal gaan de gasten altijd naar binnen door een klein zijdeurtje. De hoofddeuren gaan nooit open, want alleen de koning mag daar naar binnen. Dat zien we bij Prinsjesdag. Maar dinsdag was het heet, bloedheet. Ook in de Ridderzaal. De staf van de Ridderzaal begon tijdens de bijeenkomst de ramen te openen om frisse lucht binnen te laten. Maar nog mooier werd het toen de staf, tegen alle protocol in, besloot de hoofddeuren van de Ridderzaal open te zetten, waarmee de wind begon te waaien in de Ridderzaal. Dat kon maar één ding betekenen: de Koning kwam binnen! Ik stel mij zo voor dat, met de toespraken over schuld en schaamte over wat de joden is overkomen in de vijf zwarte jaren van de Tweede Wereldoorlog, de Koning der joden binnenkwam en op de troon ging zitten. De bijeenkomst was voor de aanwezigen uit de joodse gemeenschap een stap in vertrouwen en herstel. En voor ons als parlementariërs was dit een kans om onze verbondenheid met de joodse gemeenschap uit te spreken en het belang van de joodse aanwezigheid in ons land te benadrukken.’
In limousine naar de koning (met een kleine letter)
Na zijn toespraak verliet de Israëlisch ambassadeur Aviv Shir-On de bijeenkomst omdat hij ook op audiëntie was genodigd door Koning Willem-Alexander. Dit vanwege zijn naderende afscheid als ambassadeur, omdat hij met pensioen ging. Zo gebeurde het dat Israëls vertegenwoordiger, in limousine, begeleid door acht agenten op motoren, en met fier wapperende Israëlische vlag op de motorkap, eervol vanuit de Ridderzaal werd afgehaald, in plaats van vanaf zijn residentie op de ambassade. Op deze manier is dat nog nooit eerder gebeurd.
NS komt overlevenden en nabestaanden van de Holocaust financieel tegemoet
Ook bijzonder was dat de Nederlandse Spoorwegen de volgende ochtend, op de dag van het daadwerkelijke gebedsontbijt in het Kurhaus, bekendmaakte tientallen miljoenen euro’s schadevergoeding te betalen aan Holocaustoverlevenden en de familie van de slachtoffers. Zo bleef het niet bij woorden, maar kwamen er ook daden.
Ommekeer
Eppo Bruins: “De internationale gasten van het Jerusalem Prayer Breakfast waren onder de indruk van de bijzondere gebeurtenissen die in deze week plaatsvonden. Ik hoop dat het symbool staat voor een ommekeer in ons land, zodat we met woorden én daden om de Joodse gemeenschap heen staan.”
Meer lezen over deze bijzondere bijeenkomst? Lees het artikel op CIP.nl – of het artikel van Pillar of Fire – Jack van der Tang.